Back to my roots - Print tekst
Soms vind ik het lastig antwoord te geven op de vraag ‘waar kom je vandaan?’ Ik heb het als volgt opgelost. Als ik in het buitenland ben, dan is mijn antwoord: “Nederland.” Sommigen vragen door. Waarschijnlijk omdat ik niet blond ben, noch blauwe ogen heb. Dan zeg ik dat ik ‘import Nederlands’ ben. Zijn ze nog niet overtuigd, dan haal ik mijn paspoort erbij. Hierin staat dat mijn nationaliteit Nederlandse is. Wil ik dat de vragensteller mij beter kent, dan neem ik de moeite om uit te leggen dat ik Aramese ben. En dat Arameeërs ook wel Syrisch-Orthodox of ‘Suryoye’ (‘Suryeito’ voor een vrouw) genoemd worden. Het is net als Jood zijn. Een Jood blijft een Jood al bekeert hij zich tot de Christendom. Zo is het ook met mijn Aramees-zijn. Ik blijf Aramees, Suryeito of Syrisch Orthodox. Het maakt niet uit waar ik kerk of in welk land ik woon. Het is een verwijzing naar mijn etnische afkomst. En alle drie de benamingen verwijzen naar iemand die het christelijke geloof aanhangt.
Een Christen is iemand die in Jezus gelooft en Hem aanvaardt als zijn/haar God. Welnu, ik aanvaard Jezus Christus als mijn Verlosser en erken hetgeen Hij voor mij aan het Kruis heeft gedaan. Ik ben gedoopt en weet mij een kind van God. De woorden in psalm 139 neem ik persoonlijk. Hierin staat dat de Heer mij kende nog voordat ik er was. Hij heeft mij in de schoot van mijn moeder geweven. En Hij is altijd bij mij. En ik geloof wanneer ik lees dat ik ‘geworteld en gegrond ben in Jezus’ (Kolossenzen 2:7). Ik ben dus Christen qua etnische afkomst en qua identiteit.
Vorig jaar ben ik naar mijn geboortestreek gegaan. Het was mijn eerste bezoek aan het zuidoosten van Turkije in 28 jaar. Je leest of hoort wel eens van mensen die teruggaan naar hun roots in de hoop meer over zichzelf te ontdekken. Of zelfs hopen zichzelf daar te vinden. Dit was niet mijn uitgangspunt. Ik was vooral nieuwsgierig. Hoe zou ik mij daar voelen? Wat zou ik ervan vinden? Zouden er herinneringen terugkomen?
Het is een mooie ervaring geweest. Om nu te zeggen dat mijn identiteit erdoor is veranderd. Nee, daar is geen sprake van. Meer dan ooit tevoren werd voor mij duidelijk: mijn afkomst doet er niet toe. Of ik man of vrouw ben, doet er niet toe en waar ik ben evenmin. Het enige wat telt, is mijn identiteit in God. Begrijp me goed, ik ben trots op mijn Aramese afkomst. En zeker in deze cultuur doet je afkomt er toe. Als je iemand ontmoet wordt niet naar jouw naam gevraagd, maar naar de naam van je ouders. En Ik heb alle aanleiding om met trots hun namen te noemen! Zo heeft mijn overgrootvader veel voor de Aramese gemeenschap betekend. Hij staat bekend om zijn heldenmoed. En zijn faam straalt nog steeds af op zijn kinderen, kleinkinderen en op mij, zijn achterkleindochter. Wat ik wil zeggen. Ik heb geen reden om mijn origine te verloochenen. Integendeel. Toch is die niet belangrijk. Waar mijn interesse naar uit gaat en wat mij bezig houdt is: Hoe ziet mijn christen-zijn eruit? Kun je aan mijn leven zien dat ik een Christen ben? Is mijn gedrag à la Jezus?
Als je mij vraagt wat is typisch Jezus, dan denk ik dat Hij iemand is met erg veel liefde. Hij is op de wereld gekomen niet om aan zelfverrijking te doen, niet om te heersen maar om te dienen. Hij is zelfs zo ver gegaan dat Hij zijn leven niet achtte. Hoewel Hij de Rabbi (Leraar) was van zijn discipelen nam hij een handdoek en een teil, knielde en waste van ieder de vuile voeten (Johannes 13:4-8). Hij kon dit doen omdat Hij wist wie hij was. Hij was de Zoon van de Allerhoogste God. Hij was de Geliefde (Marcus 1:11). Hij eiste geen VIP positie. Integendeel. Hij was niet te beroerd om de minste te zijn.
Dat wil ik ook. Het is een weg, Joyce Meyer zegt het treffend:”Ik ben nog niet waar ik wil zijn, maar ik ben onderweg.”
à la Suheyla is ontstaan uit het verlangen om te delen. Of zoals Petrus het zei: 'Maar wat ik heb, geef ik u'. (Handelingen 3:6).
- à la Suheyla deze week:
- Onderwijs met impact
- à la Suheyla vorige week:
- Hartzoeker



Reageer Log in of Registreer nu